Image
ers
6 maart 2026

In januari heeft het Europees Parlement een belangrijke vooruitgang voor de bescherming van dieren bevestigd. In het kader van de herziening van de Europese verordening inzake detergenten werd een verbod op dierproeven voor deze sector ingevoerd.

Dit resultaat is het gevolg van meerdere jaren van mobilisatie, met name door GAIA samen met de Europese organisatie Cruelty Free Europe. Samen hebben wij gepleit voor een einde aan dierproeven voor deze alledaagse producten in de Europese Unie.

Hoewel deze nieuwe regel een belangrijke vooruitgang betekent, blijven er nog enkele tekortkomingen bestaan.

th

Over welke producten gaat het?

Het woord “detergent” klinkt misschien technisch, maar het verwijst in werkelijkheid naar veel producten die dagelijks in onze huishoudens worden gebruikt.

Een detergent is een product dat oppervlakteactieve stoffen bevat, stoffen die vuil en vet in water helpen oplossen.

Dat omvat bijvoorbeeld:

  • wasmiddelen voor kleding
  • producten voor de afwas, met de hand of in de vaatwasser
  • producten om vloeren te reinigen
  • schoonmaakmiddelen voor keuken of badkamer
  • bepaalde multifunctionele huishoudproducten
  • evenals producten die worden gebruikt in professionele of industriële schoonmaak

De nieuwe wetgeving heeft dus betrekking op een breed scala aan huishoudproducten die dagelijks door miljoenen consumenten in Europa worden gebruikt.

 

Een verbod voor ingrediënten en eindproducten

De nieuwe regelgeving verbiedt dierproeven zowel voor ingrediënten als voor afgewerkte detergenten en oppervlakteactieve stoffen.

Bedrijven zullen geen dierproeven meer mogen uitvoeren om te voldoen aan de eisen van de detergentenverordening. In plaats daarvan zullen zij moderne alternatieve methoden moeten gebruiken, zoals in-vitrotests of computermodellering.

De aangenomen tekst vormt bovendien een duidelijke verbetering ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie, dat nog expliciete verwijzingen naar dierproeven bevatte en de deur openliet voor nieuwe testen. Deze verwijzingen zijn uiteindelijk tijdens het wetgevingsproces geschrapt.

 

Belangrijke tekortkomingen

Ondanks deze vooruitgang blijft het verbod onvolledig.

Ten eerste geldt het enkel voor tests die worden uitgevoerd “voor de doeleinden van deze verordening”. In de praktijk betekent dit dat dierproeven nog steeds kunnen worden vereist in het kader van andere Europese wetgevingen, met name de REACH-verordening, die de evaluatie van chemische stoffen regelt.

Daarnaast bestaat er, in tegenstelling tot de Europese cosmeticaregelgeving, geen verbod op het op de markt brengenvan detergenten die buiten de Europese Unie op dieren zijn getest.

Met andere woorden: sommige producten die elders in de wereld op dieren zijn getest, zouden nog steeds op de Europese markt kunnen worden verkocht.

Een stap richting het einde van dierproeven

Ook al is dit verbod nog niet volledig, het betekent wel een echte vooruitgang voor de bescherming van dieren.

Het toont aan dat de Europese instellingen kunnen evolueren naar regelgeving die gebaseerd is op moderne wetenschappelijke methoden, zonder toevlucht te nemen tot wrede praktijken.

Voor GAIA gaat de strijd verder en blijft het doel duidelijk: definitief een einde maken aan dierproeven in alle Europese wetgevingen.